Brand-shop.nl
Product zoeken:

Veel gestelde vragen

Staat uw vraag hier niet bij? Klik dan hier, om contact met ons op te nemen.

Brandblussers: Meest gestelde vragen


Bij tijdelijke werkzaamheden met open vuur moet tenminste één blustoestel met een inhoud van minimaal 6 kg/6ltr aanwezig zijn binnen 5 m van de werkzaamheden. OPMERKING: Op grond van een RI & E kunnen er meerdere blustoestellen worden voorgeschreven.

Lees meer ...

Terreinen of gedeelten van terreinen waar opslag van brandbare stoffen of materialen plaatsvindt, moeten worden voorzien van aanvullende beveiliging, per 150 m2 of een gedeelte daarvan, bestaande uit: — één 6 kg blustoestel met als blusstof ABC- of BC-poeder of — één 6 l blustoestel met als blusstof water, water met additieven of schuim. In plaats van draagbare blustoestellen kunnen ook verrijdbare blustoestellen worden toegepast. Eén verrijdbaar blustoestel met een inhoud van 50 kg poeder of 45 l of 50 l schuim vervangt daarbij acht draagbare blustoestellen met een inhoud van 6 kg poeder of 6 l schuim, of vijf draagbare blustoestellen met een inhoud van 9 kg of 12 kg poeder of 9 l schuim. OPMERKING: Keuze van de blusstof geschiedt volgens de tabel 1 in de Nen 4001 De blustoestellen moeten zo worden geplaatst dat een snelle, veilige en doelmatige inzet mogelijk is.

Lees meer ...

Ik heb in mijn bedrijf diverse produkten en machines staan welke niet met dezelfde blusstof geblust kunnen worden. Hoe bepaal ik welke blusstof ik aan moet schaffen? De gekozen blusstof moet geschikt zijn voor het meest waarschijnlijke type brand in het gebied waarvoor het blustoestel bedoeld is. In tabel 1in de Nen 4001 is aangegeven welke brandklassen er zijn en hoe wordt vastgesteld of de blusstof geschikt is voor deze brandklasse. Bij een groot brandrisico is het raadzaam om meerdere soorten blusmiddelen op de risicoplek te hangen bij de meest voorspelbare brandhaard.

Lees meer ...

Als u een blusser op welke wijze ook laat vallen of omver stoot en u ziet een beschadiging dan is het raadzaam om deze te laten keuren door een NCP erkend onderhoudsbedrijf. Dit omdat blustoestellen welke een beschadiging hebben erg gevaarlijk kunnen zijn wanneer deze in werking worden gezet. De erkende monteur kan beoordelen of de blusser nog veilig is om te gebruiken en/of deze vervangen dient te worden. LET OP: Hier zijn in het verleden een groot aantal ongelukken mee gebeurd dus neem hiermee geen enkel risico. Wij kunnen voor u de jaarlijkse keuring verzorgen kijkt u op onze website voor de mogelijkheden.

Lees meer ...

Deze behoren 1 maal per jaar door een deskundig persoon gekeurd te worden. Onder een deskundig persoon verstaan we een bij een REOB erkend bedrijf werkzaam zijnde en gediplomeerde monteur. Mocht u uw blusmiddelen niet door een REOB erkend bedrijf laten keuren dan is de kans groot dat de verzekering niet of maar gedeeltelijk uit zal betalen bij een eventuele brand. Daarnaast kan bij een controle van de brandweer de blusmiddelen als niet gekeurd worden beschouwt. Daarnaast is het aan te raden om zelf maandelijks de blusmiddelen te controleren of deze nog goed bereikbaar zijn en eventueel nog op druk zijn wanneer er een manometer op aangebracht is. Wij kunnen voor u de jaarlijkse keuring verzorgen kijkt u op onze website voor de mogelijkheden.

Lees meer ...

Een brandblusser mag volgens de NEN 2559 maximaal 20 jaar oud zijn. Echter staat in deze zelfde norm dat elke brandblusser na 10 jaar gereviseerd dient te worden. Nu is het uit economische oogpunt goedkoper om na 10 jaar een nieuwe brandblusser aan te schaffen dan deze te laten reviseren.

Lees meer ...

Alle in Nederland verkrijgbare blussers diennen voorzien te zijn van een rijkstype keurmerk dit zijn de twee ovale cirkels met daarin een aantal nummers welke veelal rechts onder op het etiket te vinden zijn. Omdat deze voldoen aan de NEN 2559 moeten zijn hervuld kunnen worden. LET OP: Het is echter in het grootste deel van de gevallen goedkoper om een nieuw blustoestel aan te schaffen dan deze te laten hervullen

Lees meer ...

De locatie van blustoestellen moet worden gemarkeerd volgens NEN 3011. Indien nodig moet de locatie van het blustoestel met aanvullende borden worden aangegeven (pictogram in combinatie met een pijl voor de richting. De gebruiker moet een overzicht (bij voorkeur in de vorm van een plattegrond) bijhouden waarin type, aantal en locatie van de blusmiddelen zijn opgenomen

Lees meer ...

Volgens de nieuwe Nen norm 4001 dient een blusmiddel vanaf 5 kg en/of 6 Ltr. op max. 1 meter hoogte te hangen gerekend vanaf de bovenkant van de rode romp tot de grond. Dus niet zoals weleens beweerd word van de onderkant van de blusser tot de grond. Dit kan gevaarlijk zijn wanneer een klein persoon het gewicht van de blusser verkeerd inschat en deze van een dergelijke hoogte van de haak probeert te halen.

Lees meer ...

Voor het aantal blustoestellen en de plaats van de blustoestellen bestaan geen gedetailleerde wettelijke regelingen. Wel moeten er voldoende brandblusmiddelen zijn om een beginnende brand doeltreffend te kunnen bestrijden. Beginnende branden zijn branden die u met één emmer water zou kunnen blussen. Het blussen van alle branden die groter zijn, moet u overlaten aan de brandweer. Er zijn twee soorten brandblussers: de brandslanghaspel die vast zit aan de muur en de kleinere, draagbare blusmiddelen. De brandslanghaspel is een goedkoop en effectief blusmiddel. Er zijn voldoende slanghaspels aanwezig als u op alle plaatsen binnen uw bedrijf kunt komen met de 25 meter-lange slang. Niet altijd is een brandslanghaspel nodig of mogelijk. In dat geval geldt het volgende algemene advies: - per 250 m2 gebruiksoppervlakte of gedeelte daarvan moet een blusmiddel aanwezig zijn, met een minimum van twee blusmiddelen. - Is het gebruikersoppervlak kleiner dan 100 m2, dan volstaat één (draagbaar) blustoestel. Er zijn veel verschillende draagbare brandblussers. Een sproeischuimblusser verdient vaak de voorkeur. Uw plaatselijke brandweer of leverancier van brandblussers kan u adviseren over het type blusmiddel dat voor uw bedrijf effectief is. Sommige (brand)verzekeraars stellen eisen aan het aantal en soort blusmiddelen dat u in uw bedrijf hebt.

Lees meer ...

Op het brandblusapparaat zit 5 jaar garantie (na aanschafdatum) op fabricagefouten. Het apparaat dient in elk geval onbeschadigd te zijn. Tevens dient de borgpen alsmede de plastic verzegeling boven in de afsluiter nog aanwezig te zijn. Bewaar uw factuur zorgvuldig deze dient namelijk als garantie bewijs. Wanneer de originele verzegeling en/of de originele borgpen niet meer in de afsluiter van de blusser aanwezig is vervalt de garantie.

Lees meer ...


Rookmelders: Meest gestelde vragen


Rookmelders moeten aan het plafond hangen en het liefst in het midden van een ruimte maar in ieder geval minstens een halve meter van de wand af. Op iedere verdieping moet minstens één rookmelder hangen. Plaats een rookmelder op de gang aan het plafond waar de meeste deuren van slaapkamers uitkomen.

Rookmelders moeten niet worden aangebracht op plaatsen:

  • Daar waar sterke luchtstroming plaats vindt, zoals in de directe nabijheid van een rooster voor ventilatie/luchtverwarming

  • Daar waar het veel warmer is dan de rest van de ruimte, zoals boven een radiator of een ander verwarmingstoestel.

  • Daar waar waterdampen of dampen van bakken en braden kunnen hangen, zoals dichtbij de deur van een douche/badkamer of keuken.


Lees meer ...

Optische uitvoering goedgekeurde rookmelder op 230 volt (Keurmerkinstituut en BS5446). Ter vergroting van de veiligheid is het raadzaam tevens te kiezen voor doorkoppelen van de rookmelders onderling en een noodstroomvoorziening c.q. batterij back-up die min. 72 uur werkt bij stroomuitval.

Lees meer ...

In elke verkeersruimte in een wooneenheid. In de praktijk betekent dit dat op elke woonlaag een rookmelder geplaatst moet worden.

Lees meer ...

Het doorkoppelen kan met een oranje VD-draad met een Ø van 1,5 mm²

Lees meer ...

Rookmelders kunnen zowel stand-alone als gekoppeld worden toegepast. Indien meerdere rookmelders worden geplaatst in de verkeersruimten, is het raadzaam om deze onderling te koppelen. Wanneer u slaapt en de deuren gesloten zijn bestaat anders de kans dat het signaal van de verst geplaatste rookmelder niet voldoende is om u te wekken.

Lees meer ...

Nee, er mag geen groepsvermenging plaatsvinden (NEN 1010), ook niet door een relaiscontact (potentiaal vrij). De norm voor rookmelders in woonhuizen (NEN 2555) schrijft zelfs voor dat de rookmelders in woonhuizen gekoppeld moeten ziin en dat deze rookmelders op 1 lichtgroep moeten zitten.

Lees meer ...

Behalve het periodieke testen met de testschakelaar moet de rookmelder bovendien minimaal 1 keer per jaar met een zachte borstel en de stofzuiger worden schoon gemaakt. Maak ook het deksel schoon met een vochtige doek. Schakel voordat u met het schoonmaken begint de netspanning naar de rookmelders uit! Vergeet na het schoonmaken niet de spanning weer in te schakelen. Minimaal 1 maal in de 4 jaar moeten de batterijen van de rookmelders vervangen worden.

Lees meer ...

Test de rookmelder eens per maand door +/- 20 seconden op de testschakelaar te drukken. De elektronische zoemer moet het alarmsignaal geven. U dient de rookmelder altijd na een lange periode van afwezigheid (zoals bijvoorbeeld vakantie) te testen evenals na het vervangen van de batterij of het uitvallen van de netspanning. De rookmelder gaat na een alarm automatisch terug naar de bewakingstoestand wanneer de oorzaak van het alarm (d.w.z. de rook) helemaal verdwenen is. Als de rookmelder niet aan de eisen voldoet, moet u deze onmiddellijk laten repareren of vervangen door een erkend installateur. Wij kunnen voor u de jaarlijkse keuring verzorgen kijkt u op onze website voor de mogelijkheden.

Lees meer ...
Uw winkelwagen is momenteel leeg.

Veilig betalen






Solution Graphics


NCP Erkend
Onderhoud wordt uitgevoerd door een erkend bedrijf!


Kijkt u ook eens op:

www.impregneermiddel.nl
www.brandblusserstore.nl